
Inti Lunay (2006) is een multidisciplinaire, half-Nederlandse en half-Colombiaanse artiest en performer uit Amsterdam-Noord. Ze beweegt zich tussen muziek, theater, film en dans en is nieuwsgierig naar hoe deze disciplines elkaar kunnen versterken. Ze heeft drie jaar bij ITA Junior gespeeld en staat sinds jonge leeftijd voor de camera in verschillende videoclips, commercials, korte films en de bioscoopfilm Paradijs van Bobbie Koek. Ze speelde op het Over het IJ Festival met leden van De Gasten, en met Likeminds Factory op het Jonge Harten Festival in Groningen.
Als vocalist schrijft Inti Lunay graag en trad ze regelmatig op met 2SD, haar pop/rock/indieband met eigen geschreven muziek. Muziek is in haar ogen een van de sterkste middelen om boodschappen en verhalen over te brengen, omdat het prikkelt, verbindt en emoties oproept, waardoor een publiek zich sterk betrokken voelt.
Dans en beweging waren ook een groot deel van haar ontwikkeling; zo beoefende ze verschillende dansstijlen en trad onder andere op met Solid Ground Movement in de La Mar en op Keti Koti op verschillende locaties.
Momenteel volgt ze de opleiding Filmacteur bij het Mediacollege Amsterdam en ontwikkelt ze zich verder bij DOX in Utrecht en DSOPM in Amsterdam.
Inti Lunay werkt graag vanuit abstracte ideeën, beelden en concepten met een emotionele lading. Thema’s als tijd, spiritualiteit en cultuurverschillen inspireren haar. Ze onderzoekt hoe deze ideeën kunnen worden vertaald naar tekst, beweging, muziek, theater en film. Dit kwam onder andere samen in haar solovoorstelling Van Porselein, gemaakt tijdens het Likeminds Factory-talentontwikkelingstraject.
Ze spreekt Nederlands, Engels en Spaans en experimenteert graag met deze talen in haar schrijven en performances.
Als uitvoerend artiest wil Inti verschillende disciplines blijven combineren, en zichzelf uit haar comfortzone laten trekken. Ze wil werk maken met een boodschap die prikkelt en vol emotie zorgt dat men even stilstaat, een ander perspectief bekijkt en zichzelf vragen stelt.
“Als je je comfortabel voelt in je onderzoeken, ben je misschien niet oncomfortabel genoeg om nieuwe dingen te kunnen ontdekken.”