Nachtparade

In februari, maart en april 2013 hebben tachtig amateurs in de leeftijd van 7 tot en met 82 jaar gewerkt aan de voorstelling Nachtparade. De deelnemers maakten van dichtbij kennis met het werk achter de schermen en ondervonden wat er nodig is voordat een productie in het theater gepresenteerd kan worden. De sleutel tot het succes was daarbij de samenwerking met DOX. Samen met de amateurs bracht DOX een overtuigende ode aan de stad bij nacht, vol dromen, angsten en verlangens.

Het Muziektheater Amsterdam presenteert in samenwerking met Theatergroep DOX de voorstelling Nachtparade. Geïnspireerd door het verhaal van Duizend-en-een-nacht verkennen tachtig amateurspelers en -dansers tussen de 7 en 82 jaar samen met twintig professionals van DOX de Amsterdamse nacht. Wat maakt de nacht in ons los en wie zijn de onzichtbare nachtbrakers die gaan slapen als de meesten van ons wakker worden? Een voorstelling vol dromerige, absurde en pakkende momenten, met afwisselend dans, muziek, performances en persoonlijke verhalen.

 

Fragment uit een interview met Hildegard Draaijer:

Zelf heeft ze ooit meegedaan met een kunstproject waarbij ze een nachtelijke route liep langs allerlei lege gebouwen en mensen die op onverwachte plekken aan het werk zijn: een bakker, een wegenwacht, een prostituee, een nachtportier. De ervaring vormde een van de  inspiratiebronnen voor het participatieproject Nachtparade, waaraan Hildegard Draaijer werkt met haar collega’s, dansers van DOX, en tachtig amateurs. Hildegard Draaijer is benaderd door Lin van Ellinckhuijsen, beleidsmedewerker van Het Muziektheater Amsterdam, die haar interessante participatieprojecten kende. Het overkoepelende thema van 1001 Nacht vormde een mooi uitgangspunt voor een gezamenlijk project.

In het tweede deel staan de jongeren centraal. De nacht is hun domein; het is ook de tijd van seksuele energie, van agressie en dronkenschap. Zij willen dansen en spelen, ze bruisen van energie. Bij het derde deel passen de ouderen weer meer. Zij worden vaak vroeg wakker; ze zijn een aantal stations van het leven voorbij, zou je kunnen zeggen, de kracht van agressie, seksualiteit, vruchtbaarheid. Tegelijk willen we dat niet zo letterlijk nemen. We zoeken naarmetaforen. Rode rozen hoef je niet meer rood te verven.

In het begin hebben we de deelnemers gevraagd iets te schrijven over hun eigen ervaringen, bijvoorbeeld: waar ben je ’s nachts bang voor? Of om een Ode aan de Nacht te brengen. Op  grond van al dat materiaal heeft Hildegard met Marjan een collage gemaakt, aan de hand waarvan ze verder werken. De semiprofessionele DOX-dansers en -spelers zijn heel erg op elkaar ingespeeld en op het werken met – telkens andere – amateurs. We willen de verbeelding een kans geven. Wij proberen de wereld ietsje mooier te maken dan ie is.

De voorstelling wordt gegoten in de vorm van een radioprogramma. Wat we zien en horen, is een stad in de nachtelijke uren, waarbij de rode draad wordt gevormd door een radioprogramma dat live wordt gemaakt. Er zijn nachtelijke bellers, nachtwakers, dj’s, mensen die langskomen. De programmamaker staat centraal, hij verbindt de spelers met het publiek. Hij kan bagatelliseren, relativeren, verbinding maken of juist verbreken. Je hoort flarden van verkeer dat langskomt en verder op de achtergrond een bruisend nachtleven. Op een achterdoek worden beelden getoond van de nacht, van mensen die langs komen lopen, deels live en deels van tevoren opgenomen. Het wordt allemaal heel spannend.

Spelers