Aftellen naar première

‘Er zit veel in het boek, en dus zit er ook veel in de voorstelling’

‘Lieve mensen, kunnen we dat nog één keer doen, die diagonaal?’ Acht jongeren staan, springen, draaien en rollen over de vloer. Nog even wat technische details drillen en dan kunnen ze enkele scènes met muziek repeteren. ALLEEN DE GROOTSTE NABIJHEID is een dansvoorstelling gebaseerd op een roman van de Duitse auteur Goethe. Het wordt een voorstelling vol (schijnbare) tegenstellingen, een onderzoek naar wat een roman uit 1809 voor jonge mensen van vandaag kan betekenen en vooral: hoe je zo’n boek met al zijn betekenislagen kunt omzetten in dans. ‘Er zit heel veel in het boek. En dus zit er ook heel veel in de voorstelling’, vertelt regisseur Bram Jansen.

‘Omhoog, Rens, hoog’, zegt choreograaf Ryan Djojokarso en de danser herneemt zijn sprong. ‘Ja! Zie je, zo heb je alle ruimte om verder te dansen.’ Wat verderop oefenen twee jongens en twee meisjes de opeenvolgende bewegingen van een andere scène in. ‘Hoofd, schouder, draai. En heup, hoofd, pak, pak, draai en rond!’ Hier en daar gaat er nog iets mis, maar ze beginnen opnieuw en opnieuw, tot ze allemaal mee zijn. Regisseur Bram Jansen zit op de eerste rij in de zaal, kijkt toe en maakt hier en daar een notitie. De choreograaf loopt intussen van groepje tot groepje, stuurt bij waar nodig, beantwoordt vragen. ‘Zeg Ryan’, vraagt iemand. ‘Als je eerst deze hebt’, en hij doet een beweging voor, ‘doe je dan daarna zo?’ We zitten op een goeie twee weken voor de première. ‘Het typische stadium van stress’, vertelt Bram Jansen. ‘We hebben al heel veel werk verzet, maar er moet ook nog veel gebeuren.’

Denken en voelen
Goethe schreef zijn roman Die Wahlverwandtschaften in de overgang van de Verlichting (een periode waarin alles draaide om denken en rede) naar de Romantiek (waarin vooral het Grote Gevoel ruimte kreeg). Zelf vond hij die strikte opdeling tussen rede en emotie onnatuurlijk: hij ging liever op zoek naar de brug tussen beide. Dat doet hij door in zijn roman alle mogelijke schijnbare tegenstellingen een plek te geven: tussen cultuur en natuur, jong en oud, ver en dichtbij, intuïtie en beredeneerdheid. De auteur wordt ook wel eens de laatste homo universalis genoemd: hij wist over alles iets en wilde dat ook graag allemaal in zijn boek stoppen. Het lijkt dan ook geen simpele klus om zo’n roman anno 2015 in dans te gieten. ‘Dat wisten we voor we eraan begonnen’, vertelt Ryan Djojokarso. ‘Daarom hebben we heel even getwijfeld of we het wel zouden doen. Noem het koudwatervrees.’ Bram Jansen pikt in: ‘Maar achteraf is het echt de perfecte keuze gebleken. Goethe probeert in zijn roman denken en voelen met elkaar in evenwicht te brengen. Datzelfde evenwicht-in-de-tegenstelling schuilt ook in wat wij doen: we willen de analyse van de roman – het boekverslag, zeg maar – omzetten in de hartstochtelijke abstractie van dans. Het woord wordt beweging.’

Scheikundig experiment
De plot van de roman is gemakkelijk samen te vatten. Je hebt een koppel, Eduard en Charlotte. Zij nodigen Otto, een vriend van Eduard, en Ottilie, een nichtje van Charlotte, uit om bij hen te logeren. Het duurt niet lang voor ze allemaal verschrikkelijk verliefd worden. En wat dan? Eraan toegeven en de verboden liefde leven? Of er koste wat kost aan weerstaan? ‘Als je het zo uitlegt, lijkt het wel een stationsromannetje uit de Boeketreeks’, vindt Bram Jansen. ‘Het belangrijkste is dan ook niet dat dunne verhaal, maar alle denkbeelden erachter.’ Zo is er het wetenschappelijke experiment dat Goethe uitvoert op zijn personages. Hij bekijkt hen niet gewoon als mensen, maar vergelijkt hen met scheikundige elementen en past de bijhorende formules op hen toe. Deeltjes A en B zijn met elkaar verbonden. Maar daar duikt C op. A laat daarop B los en gaat een nieuwe verbinding aan met C. Vervolgens gaat B, die nu alleen is, op zoek naar D. ‘Danstechnisch zijn zulke wisselende verhoudingen natuurlijk superinteressant’, zegt Ryan. ‘Al helemaal als je weet dat wij acht spelers hebben, die vier personages representeren: elk personage wordt dus nog een keer gedubbeld.’

Een rol voor Wikipedia
Hoe krijg je al die lagen van zo’n oud boek via de dans bij een (jong) publiek van vandaag? In al wat de makers en hun dansers deden, bleef dat de kernvraag. Want net zomin als het de bedoeling was om een dun verhaal op het podium te zetten, wilden ze een elitaire voorstelling maken waarvan niemand iets snapte. ‘We zijn simpelweg begonnen met allemaal het boek te lezen en erover te praten’, zegt Bram Jansen. ‘En gaandeweg beseften we hoe groot de afstand van de jongeren tot het boek was. De ene wist er al beter weg mee dan de andere: je kreeg de hele range van iemand die twee zinnen las en uitriep dat hij er echt niks van snapte, tot iemand anders die vrij goeie analyses kon maken. Daar komt ook de titel vandaan: ALLEEN DE GROOTSTE NABIJHEID is een frase uit de roman, maar slaat evengoed op hoe dicht we vandaag nog bij zo’n boek kunnen komen.’ De ideeën achter de voorstelling werden almaar theoretischer, conceptueler en ingewikkelder, naarmate de makers en hun spelers er meer lagen en betekenissen uit op wisten te graven. ‘En dus moest het op een gegeven moment weer een stuk transparanter.’ Op de vloer zelf vertaalde die zoektocht zich vooral in heel veel uitproberen. ‘Zeker in de eerste repetities hebben we erg gezocht naar een goede vorm voor de voorstelling’, vertelt Ryan. ‘Zo hebben we een heleboel dansmateriaal gemaakt. De ene keer vertrokken we vanuit scènes van het boek, een volgende keer lieten we ons vooral leiden door de inbreng en de persoonlijkheid van de spelers.’ Zelfs Wikipedia kreeg én hield een rol in de productie. Bram: ‘Het was eerst gewoon een oefening om het tijdsbeeld van de roman voor de dansers te schetsen. Later hebben we dat idee weer opgediept, toen we beseften dat het ook heel erg klopt met Goethe: hij schreef zijn roman namelijk in de tijd dat de eerste encyclopedie werd samengesteld.’
Who the fuck is Goethe?
Repetitie na repetitie kreeg de voorstelling meer vorm. In de eerste scènes zie je de spelers met laptops in de weer. Goethe? Who the fuck is Goethe? Even opzoeken… Die Wahlverwandtschaften… doorklikken… Verlichting, Romantiek… Ook in een theaterzaal is Google soms uw beste vriend. Vervolgens kwam er tekst bij de dans, die de spelers en het publiek bij de hand neemt om door al die verschillende lagen van het boek heen te kijken. ‘In die tekst hebben we de hele analyse van de roman gestopt’, legt Bram uit. ‘Je kunt hem zien als een soort van leuke les die jonge mensen voor zo’n ouwe roman kan winnen.’ Ook dat lesgegeven sluit weer aan bij het totaalproject dat Goethe voor ogen had. ‘Er zit namelijk een stukje Bildung in de roman.’ Bildung was heel erg in in de periode waarin Goethe Die Wahlverwandtschaften schreef. Je kunt het begrip misschien nog het best vertalen als ‘zelfontplooiing’ of ‘algemene vorming’. Vooral het personage Ottilie is ermee bezig. ‘Zij is nog een jong meisje en zij werkt bewust aan haar ontwikkeling. En ook dat lijntje konden we weer naar alle niveaus van de voorstelling doortrekken. Het geldt namelijk niet alleen voor de personages, maar evengoed voor de realiteit: we werken met jonge spelers. Zij leren het boek kennen, ze maken er een dansvoorstelling van – dat is een vorm van Bildung. En door de vorm van de voorstelling en de manier waarop we onze tekst gebruiken, maakt zelfs het publiek Bildung door.’ De regisseur fronst even de wenkbrauwen: ‘Is dat allemaal wel helder, als ik het zo uitleg?’ vraagt hij. Op de vloer hebben de dansers de technische finesses van hun scènes doorploegd. De geluidsman zit intussen aan de knoppen, de spelers lopen nog wat heen en weer met verlichting, eentje doet even een handstand tussendoor. Maar dan zoeken ze hun beginposities op om door de volledig afgewerkte scène te lopen. ‘Nog wat achteruit!’ zegt Ryan. ‘Ja? En… go!’

Ultieme plek
Het is niet de eerste keer dat Ryan Djojokarso en Bram Jansen samenwerken, maar wel dat ze het zo intensief doen. ‘De vorige keren was er telkens een wisselende hiërarchie. Ofwel maakte Ryan een dansvoorstelling en hielp ik hem wat met de dramaturgie of de analyse. Ofwel regisseerde ik theater, en dan hielp hij met de mise-en-scène of de ontwikkeling van de ideeën. Dit is onze eerste echt gezamenlijke zoektocht.’ Dat die zoektocht net bij fABULEUS een plek vindt, is volgens de makers geen toeval. ‘fABULEUS maakt toffe dansvoorstellingen, maar kan ook heel goed uit de voeten met repertoire en literatuur. Ze schuwen ingewikkeld materiaal niet, ook al werken ze met en voor jongeren. Daarom vond ik dit de ultieme plek om een dansvoorstelling op basis van een roman te maken.’ Terwijl Bram gesprekken aanknoopte met fABULEUS, was Ryan aan de slag bij het Utrechtse huis voor jong podiumtalent DOX. ‘Ook DOX laat dans en theater samengaan, maar zij doen het op een andere manier dan fABULEUS, meer vanuit de hoek van de urban arts.’ De combinatie van beide huizen – en hun spelers – maakte het project weer extra interessant, want ze zorgde voor een bijkomende (schijnbare) tegenstelling in het geheel.

Zwartwitje
Om al die redenen moest het basisboek wel dat van Goethe worden. Hoewel Ryan en Bram ook nog andere romans overwogen hebben, kwamen ze toch telkens weer bij dit ene werk uit, met al zijn tegenstellingen en lagen. Het paste ook gewoon bij hen als makers. ‘Ryan is voor mij die andere kant van de paradox die ik graag wil begrijpen’, zegt Bram. ‘Hij benadert de wereld op een heel andere manier dan ik. Wij zijn echt een zwartwitje, denk ik. Ik vind het leuk om hem te dwingen om wat meer analytisch naar de dingen te kijken, en andersom is het fijn dat hij mij juist wat los van die analyse probeert te krijgen. Wij zijn ook al tien jaar samen, dus we vechten en we vullen elkaar aan, zowel op het professionele vlak als privé. In die zin merk je ook wel dat je niet zomaar een boek kiest omdat het Goethe is, je doet het vooral omdat de thema’s je erin aanspreken.’

Positief
‘Ik vind het ook oprecht leuk om met jonge mensen aan een voorstelling te werken’, besluit Bram Jansen. ‘Laatst nog wees een vriend van me erop dat ik altijd het meest positief ben als ik met jongeren werk. Dat klopt. En volgens mij komt het omdat je met hen ook echt een onderzoek kunt aangaan, zonder dat je er nog een heleboel groepsdynamische processen bovenop moet nemen of de amateurpsycholoog moet uithangen, zoals wel vaker nodig is als je met professionals werkt. Als je met jongeren op de vloer staat, hoef je veel minder met gevoelige ego’s rekening te houden. Je voelt ook een oprechte betrokkenheid van ze. De voorstelling betekent echt iets in hun leven en doordat ik dat aanvoel, gaat ze ook voor mij weer meer betekenen.’

Ines Minten

2017
2016
2015